Select Page

Spreuken 19:11

Het verstand van de mensen vertraagt zijn toorn; en zijn sieraad is de overtreding voorbij te gaan.

Spreuken 21:24

Die een hoogmoedig pocher is, zijn naam is spotter; hij gaat met hoogmoedige toorn te werk.

Spreuken 22:8

Die onrecht zaait, zal moeite maaien; en de roede van zijn toorn zal een einde nemen.

Spreuken 24:17-18

Verblijd u niet, als uw vijand valt; en als hij neerstruikelt, laat uw hart zich niet verheugen; Opdat JAHWEH niet zie, en het kwaad zij in Zijn ogen en Hij Zijn toorn van hem afkere.

Spreuken 25:15

Een overste wordt door geduld overreed; en een zachte tong breekt het gebeente.