Select Page

Spreuken 20:27

De ziel van de mensen is een lamp van JAHWEH, doorzoekende al de binnenkameren van de buik.

Spreuken 21:10

De ziel van de goddelozen begeert het kwaad; zijn naaste krijgt geen genade in zijn ogen.

Spreuken 21:12

De rechtvaardige let verstandig op het huis van de goddeloze, als God de goddelozen in het kwaad stort.

Spreuken 22:11

Die de reinheid van het hart liefheeft, wiens lippen aangenaam zijn, diens vriend is de koning.

Spreuken 22:12

De ogen van JAHWEH bewaren de wetenschap; maar de zaken van de trouwelozen zal Hij omkeren.