En wanneer u staat om te bidden, vergeeft, als u iets hebt tegen iemand; opdat ook uw Vader, Die in de hemelen is, u uw misdaden vergeve.
En wanneer u staat om te bidden, vergeeft, als u iets hebt tegen iemand; opdat ook uw Vader, Die in de hemelen is, u uw misdaden vergeve.