Is niet dit het vasten, dat Ik verkies: dat u losmaakt de knopen van de goddeloosheid, dat u ontdoet de banden van het juk, en dat u vrij loslaat de verpletterden, en alle juk verscheurt? Is het niet, dat u de hongerige uw brood mededeelt, en de armen, verdrevenen in huis brengt? Als u een naakte ziet, dat u hem dekt, en dat u zich voor uw vlees niet verbergt?