U zult het recht van uw armen niet buigen in zijn rechtszaak. Wees verre van valse zaken; en de onschuldige en gerechtige zult u niet doden; want Ik zal de goddeloze niet rechtvaardigen. Ook zult u geen geschenk nemen; want het geschenk verblindt de zienden, en het verkeert de zaak van de rechtvaardigen.